Lieve mensen,

Misschien staat het nog in uw agenda:

“Dinsdag 19 mei: Achterban-avond André en Dorien”

De achterban-avond kan nu natuurlijk niet doorgaan. We hopen dat het in het najaar weer kan.

Wat we wél graag willen doen is een informeel online contact-moment van ongeveer 3 kwartier waarin we u kort even bijpraten, en de tijd nemen om uw vragen te beantwoorden.

Dus… maak uzelf een kop koffie of thee met een stroopwafel, en kom volgende week even bij ons “op de koffie”!

Wij zitten dinsdag 19 mei om 20:00 uur klaar.

Mail ons gerust alvast uw vraag, dan beantwoorden we die sowieso. Tijdens de uitzending kunt u ook uw vraag stellen in de chat naast de video.

U krijgt een dag van tevoren een link naar onze YouTube Live Stream. Tot dan!

Hartelijke groet,
Dorien en André Kamphuis

Het ging snel. Op donderdag horen dat je het land uit moet en vrijdagmiddag al vertrekken. Het ging zo snel dat we amper tijd hadden om goed afscheid te nemen. Nu we in Nederland zijn, en eerst sowieso 14 dagen in quarantaine zitten, proberen we alles rustig een plekje te geven.

Wat er van dag tot dag gebeurde….

Eerste week van maart

We lezen op de NOS app het nieuws over de coronavirus. Eerst in China, later in Italië, en uiteindelijk ook in Nederland. Tanzania voelt als een veilige plek, ver weg van de besmettelijke virus. We leven mee met onze familie en vrienden in Nederland. We horen hoe iedereen steeds bezorgder klinkt. Daar is in Tanzania nog helemaal geen sprake van. Pas als ik hoor over de eerste coronabesmetting in het Veluwse dorp waar mijn oude moeder woont, komt het pas dichtbij. Maar na een telefoontje met een opgewekte moeder, verdwijnt ook dat gevoel weer naar de achtergrond.

Maandag 9 maart

We krijgen een e-mailtje van onze directeur in Tanzania dat we goed onze handen moeten wassen. Hoewel er nog geen coronagevallen bekend zijn, is het niet onmogelijk dat het ook in Tanzania komt (of al is).

Woensdag 11 maart

We krijgen bericht van de Rift Valley Academy in Kenia dat de school vervroegd dicht gaat. Het plan is om binnen een paar dagen alle leerlingen thuis te krijgen. Michaja moet dit weekend al naar huis.

Vrijdag 13 maart

André zit in de auto om Michaja op te halen. Na tien uur komt hij bij de school aan. Michaja heeft al haar spullen (bijna) ingepakt en we vertrekken de volgende morgen vroeg. Michaja is al snel over haar eerste schok heen en ziet al uit naar een paar extra weekjes thuis in Musoma (met haar dieren!). Zodra we thuis zijn, horen we dat Kenia haar eerste coronabesmetting heeft en de grenzen voor niet-Kenianen uit besmette landen sluit.

Maandag 16 maart

De Tanzaniaanse overheid maakt bekend dat de eerste coronabesmetting in Tanzania is vastgesteld. De minister maant iedereen tot kalmte. Maar de zorgen zijn al groot. Zeep is binnen een dag overal uitverkocht en we zien de eerste mondkapjes op straat.

We vieren Elisa’s verjaardag. Zonder cadeautjes dit jaar, want onze bezoekers die haar cadeautjes zouden meebrengen hebben hun reis naar Tanzania moeten afzeggen.

Dinsdag 17 maart

De volgende dag worden alle SIL expat zendingswerkers in Tanzania en Kenia bij elkaar geroepen voor een videovergadering via Zoom. We horen dat de situatie begint te verslechteren en dat er mogelijk al snel reisbeperkingen komen. Ook is duidelijk dat ons medische back-up plan niet meer werkt, omdat de Flying Doctors geen coronapatiënten vervoeren en we de grens bij Kenia niet meer over kunnen. Als we in de komende maanden medische hulp nodig hebben, zullen we het in de buurt moeten vinden. De boodschap van onze organisatie is duidelijk: overweeg goed of jullie in Tanzania willen blijven. Uitstel van vertrek kan betekenen dat je straks niet meer kunt vertrekken.

Iedereen overlegt koortsachtig over wat te doen. Aangezien we toch al op verlof zouden gaan, besluiten we om eerder naar Nederland te gaan. De kinderen horen geschokt aan dat we nog maar een week in Musoma zullen zijn. Ze hadden nog zoveel willen doen! Dorien begint de koffers met kleren in te pakken. We hebben tickets voor volgende week dinsdag, 24 maart. Een week voelt véél te kort om zo snel afscheid te nemen!

Woensdag 18 maart

Nog een paar nieuwe coronabesmettingen in Tanzania. Er leven veel vragen over hoe lang reizen binnen Tanzania nog mogelijk blijft. Via Kenia kunnen we het land niet meer uit. Met de auto naar de Tanzaniaanse hoofdstad reizen kost ruim twee dagen, dus we zijn vooral afhankelijk van een binnenlandse vlucht. Het is onduidelijk hoelang die vluchten nog in de lucht blijven.

Donderdag 19 maart

We krijgen bericht dat we onmiddellijk ons moeten klaarmaken voor verplicht vertrek. Alle expat zendingswerkers moeten op de eerst mogelijke vlucht het land verlaten en terugkeren naar het land van herkomst. We worden even overvallen door paniek. We dachten dat dinsdag al snel was, maar nu nóg sneller inpakken en wegwezen?! Die avond pakken we onze koffers in, slordiger en vlugger dan ooit.

We proberen tickets te regelen voor een eerdere vlucht. Veel vluchten zijn al uitgevallen. Ook onze vervoegde KLM-vlucht op dinsdag is al geannuleerd. De meeste andere vluchten zitten vol. We slagen er toch in om tickets te regelen om thuis te komen. Onze vlucht vertrekt zondagmorgen vroeg.

We vertellen onze tuinman en huishelp dat we verplicht het land moeten verlaten. Ze kijken ons geschokt aan. De kinderen maken nog filmpjes van hun drie honden, poes, konijntjes, geiten, kippen en schildpadden. Ze mogen alle drie hun rugzak inpakken. Om 11 uur vallen we uitgeput in slaap.

Vrijdag 20 maart

De volgende morgen wegen we elk van onze vijf koffers en zetten ze buiten klaar. We roepen onze bewakers, tuinman en thuispersoneel bij elkaar en bespreken hoe we het gaan doen. De komende tijd, wie weet voor hoe lang, zullen zij om de beurt op ons huis passen en voor alle dieren zorgen. We geven hen alvast hun salaris voor de komende twee maanden en beloven dat we ons best doen om vanuit Nederland geld te sturen voor de maanden erna. We bidden met elkaar en maken nog een foto. Het is een vreemd afscheid: goede woorden, tranen, maar geen omhelzing, slechts een onwennige zwaai.

Om half drie parkeert de minibus voor onze poort. We stappen in en de tuinman sluit de poort. Onderweg naar het vertaalcentrum zwaai ik naar de fietsenmaker. Hij weet ervan en zwaait met beide armen. Een brok schiet in m’n keel. Op het bijbelvertaalcentrum staan alle collega’s buiten bij elkaar. Nog nooit hebben wij of zij dit mee gemaakt. Alle expat-medewerkers vertrekken tegelijk. Ik pak snel nog even het oplaadsnoer van mijn laptop uit mijn kantoortje en geef de sleutels aan een collega. Voor we weg rijden, bidt onze teamleider voor ons en voor hen die achter blijven. En daar gaan we dan.

We zwaaien naar Tanzaniaanse collega’s van wie sommigen er over een half jaar niet meer zullen werken. We vertrekken met collega’s van wie sommigen misschien nooit meer terug komen. We weten niet eens wat onze toekomst hier nog is, voor de maanden die nog over zijn tot onze werkvergunning begin volgend jaar afloopt. Net buiten Musoma stoppen we nog een minuutje om afscheid te nemen van vrienden met wie we elf jaar in Musoma hebben gewoond. Het snijdt door m’n hart om zo abrupt afscheid te moeten nemen van mijn beste vriend en zijn gezin.

De volgende 50 kilometer richting het vliegveld van een stad in de buurt zit ik constant met tranen in m’n ogen. Ik realiseer me dat we met 80 kilometer per uur de wereld uitglijden waar we de afgelopen twaalf jaar zo vergroeid mee zijn geraakt. Het voelt alsof we als een frisse boom met wortel en al uit de grond worden getrokken.

Om kwart over tien ’s avonds stappen we met ons team in het vliegtuig naar de hoofdstad. Als we aankomen bij een guesthouse vallen we binnen een minuut in slaap. We zijn uitgeput.

Zaterdag 21 maart

Een dag rust. We zijn vlak bij het vliegveld, maar onze vlucht gaat pas morgenvroeg om kwart voor 4. Deze dag zonder hectiek doet ons goed. We rusten veel en we bellen met verschillende vrienden in Tanzania om hen te vertellen dat we het land moeten verlaten. We krijgen veel lieve berichtjes van vrienden uit Nederland. Er wordt voor ons gebeden! Ook hebben we tijd om afscheid te nemen van onze collega’s die via allerlei vluchten naar alle uithoeken van de wereld zullen uitvliegen. Althans, dat hopen we. De onzekerheid over hoe lang de vluchten nog gaan leeft bij iedereen. We gaan vroeg naar bed om nog een paar uurtjes te slapen voor we aan de laatste drie vluchten beginnen.

Zondag 22 maart

Om kwart voor twee staan we op het uitgestorven vliegveld in Dar es Salaam. Het vliegtuig van Kenya Airways staat al klaar en vertrekt bijna een uur eerder dan gepland. Het vliegtuig zit vol. De meeste mensen hebben mondkapjes voor. In Nairobi wachten we 3,5 uur op onze vlucht naar Parijs. Tot onze opluchting gaat ook deze Air France vlucht nog. Voor het eerst vliegen we in Afrika in een vliegtuig vol blanken.

Ook het vliegveld in Parijs blijkt uitgestorven. We beginnen nu pas te begrijpen hoe Europa in de afgelopen weken veranderd is. Na ruim vijf uur wachten vertrekt onze laatste KLM-vlucht. Een halfvol vliegtuig met mensen die blij zijn dat ze nog naar huis kunnen. Op Schiphol staat Elbert, een vriend uit Bennekom, op ons te wachten en brengt ons naar Lelystad. We zijn blij om onze (schoon)ouders in goede gezondheid te zien. Na een warm kopje thee zoeken we ons bed op. De kinderen slapen al, met hun kleren nog aan.

En nu

Nog nooit kwamen we terug in Nederland zonder veel van onze familie en vrienden in een van de eerste dagen te ontmoeten. Nu gaat alles via berichtjes en de telefoon. Iedereen is vol van de situatie in Nederland en vertelt wat het betekent voor ieder gezin. Het grijpt ons wel aan, het is pittig voor iedereen. Je hoort van steeds meer mensen die ziek zijn en soms niet weten of ze nu wel of niet corona hebben. Anderen sterven.

Het ging snel. Binnen twee dagen verkasten we zomaar van een vertrouwde en veilige plek thuis naar een nieuwe geïsoleerde plek in een land waar een besmettelijke ziekte overal om zich heen grijpt. De eerste paar weken zitten we sowieso thuis. Daarna moeten we nog maar zien wat mag en kan. We zijn dankbaar dat we hier. Een ware gebedsverhoring! Maar het voelt nog heel onwerkelijk.

Ondertussen denken we veel aan wie we achterlieten in Tanzania. We volgen dagelijks hoe de situatie zich daar ontwikkelt. Als het coronavirus daar zich uitbreidt zoals op de meeste andere plekken in de wereld, dan houden we werkelijk ons hart vast. We bidden. We geloven. We hopen.

 

“En daarvandaan vlogen zij naar Ede, waar zij aan de genade van God opgedragen waren voor het werk dat zij volbracht hadden. Toen zij daar aangekomen waren, riepen zij de gemeente bijeen en deden er verslag van wat voor grote dingen God met hen gedaan had, en dat Hij voor de heidenen de deur van het geloof geopend had. En zij verbleven daar geen korte tijd met de discipelen.”
(Handelingen 14: 26-28 met twee vertaalfouten)
Het is hoog tijd om verslag uit te brengen van wat God in de afgelopen periode heeft willen doen in het gebied waar we werken. Een getuigenis waarmee we onze thuisgemeente en achterban mogen bemoedigen. We hopen dat u er bij kunt zijn!
Achterban-avond banner
Wanneer: Woensdag 8 oktober
Waar: Kerkgebouw “De Tabernakel” in Ede (Verlengde Maanderweg 146)
Tijd: 20:00 uur. Inloop vanaf 19.45 uur.

U kunt niet op 8 oktober en wil toch een presentatie meemaken? Klik hier voor een overzicht van andere presentaties tijdens ons verlof.

TIP 1: Volgende week donderdag hoop ik op bijbelschool De Wittenberg te zijn. Een interactieve avond met studenten over hoe bijbelvertaalwerk in de praktijk werkt.

avond-wittenberg

 

TIP 2: Op 22 november mag ik een getuigenis geven op de jaarlijkse Wycliffe-dag in de Ark van Noach. Gratis toegang voor iedereen die zich aanmeldt bij Wycliffe!  Kijk hier voor meer informatie.

Wycliffe dag 22 nov

Ons verlof is begonnen!

De reis vanuit Tanzania naar de hoofdstad van Kenia  verliep zonder problemen. En na een dagje uitrusten zijn we vanuit Nairobi via België naar Nederland gekomen.

image

We zijn erg blij met het mooie huis dat helemaal voor ons ingericht was in Ede! Verschillende mensen hebben echt hun best gedaan om er een plekje van te maken waar we ons thuis kunnen voelen.

We hebben gisteren en vandaag al weer heel wat familie en vrienden gezien. En natuurlijk extra genoten vanmorgen van alles wat een Hollands ontbijt zo lekker maakt.

image

We zien er naar uit om velen van jullie weer te ontmoeten en te spreken. Toch één van de belangrijkste doelen van ons verlof!

Kom gerust langs aan De Ruyterstraat 23 in Ede of tijdens een van onze presentaties. Op de verlofpagina vindt u de data die al bekend zijn. Begin oktober hopen we de  officiële ontmoetingsavond met onze achterban te plannen.

Bedankt iedereen die meegeholpen heeft ons verlof mogelijk te maken!

Hartelijke groet van André, Dorien, Michaja, Elisa en Aron Kamphuis.

Familie Kamphuis - August 2014

Wij zijn weer thuis in Musoma! We hebben een geweldige reis achter de rug waarin alles wat goed kon gaan goed ging. De kinderen hebben het prima volgehouden, Aron heeft vrijwel niets van de reis meegekregen (zit nu met open mond naar zijn nieuwe bedje te kijken), de douane was buitengewoon behulpzaam en flexibel, onze radiateur hebben we zonder enige kosten kunnen importeren, en we konden bijna de helft van het bedrag voor onze te zware koffers eraf praten. Vrienden hebben ons van het vliegveld in Musoma opgehaald, en alle koffers zijn keurig aangekomen. Ons huis zag er prima en lekker schoon uit. We gaan vandaag geen koffers meer uitpakken, dat komt morgen wel weer. Eerst maar wat slaap inhalen. De eerstkomende dagen koken collega’s maaltijden voor ons; dus we kunnen weer rustig instromen in het normale leven. Toch wel weer wennen hoor, om weer in Tanzania te zijn…

Bedankt voor jullie gebedssteun! Dit was een bijzonder voorspoedige reis. Iets om voor te danken!

We hebben erg genoten van Aron deze week. Hij is een heerlijk rustig mannetje, slaapt veel (zelfs ’s nachts!), en kan je zo lekker helder aankijken alsof hij je al helemaal kent. God heeft ons echt bijzonder gezegend met hem.

Iedereen die een een kaart of e-mail gestuurd heeft: heel hartelijk bedankt! Anderen hopen we volgende week zaterdag op het kraamfeest nog te spreken.

Inmiddels kijken wij weer een beetje vooruit. Nog zo’n vier weken, en dan gaan we weer naar Tanzania. We hebben er wel zin in, zeker nu alles zo goed gaat hier, en Dorien zich zo sterk voelt. We moeten weer gaan inpakken, laatste aankopen doen, onze laatste nieuwsbrief versturen, en ons werk op afstand gaan afronden. Het is een goed verlof geweest, en daar zijn we God dankbaar voor.

 

Het is zover: we hebben een zoon! Aron is vanmorgen om kwart voor 5 geboren. Het was hard werk voor Dorien, want Aron weegt wel 9 pond. Gelukkig gaat alles goed. Wat een geweldig geschenk van God onze Vader!

Klik hier voor het geboortekaartje.

Heerlijk, die gezichten…

Regelmatig krijg ik de vraag: “En, heb je nog een beetje contact met de mensen dáár?” Ik vermoed dan altijd maar dat ze de bijbelvertalers in Tanzania bedoelen. En ja, daar heb ik inderdaad veel contact mee. Sinds een aantal weken werk ik intensief mee met de vertalers en controleer nieuw-vertaalde hoofdstukken. En het gaat echt goed! Het was natuurlijk afwachten hoe het zou lopen, maar ik ben echt enthousiast hoeveel werk we zo kunnen doen. Dat dit werken-op-afstand zo’n geslaagde ervaring is geworden, is – denk ik – vooral aan twee dingen te danken. Enerzijds dat ik vertrouwd ben met de Tanzaniaanse vertalers en effectief met hen kan communiceren. Anderzijds dat we een geweldig softwareprogramma hebben om vertaalwerk te doen (Paratext 7).

Dit programma is helemaal ontworpen voor bijbelvertalers en geschikt gemaakt voor werken op afstand. Ik kan iedere dag zien hoeveel vorderingen een vertaalteam heeft gemaakt. Ook kan ik precies zien welke vertaler aan welke hoofdstukken gewerkt heeft en welke wijzigingen in de vertaling heeft doorgevoerd. Mocht ik zien dat een vertaler consequent dezelfde vertaalproblemen over het hoofd ziet, dan kan ik hem daar heel gericht bij begeleiden. Alles wordt nauwkeurig bijgehouden en automatisch worden veilige back-ups gemaakt. Als ik een nieuw-vertaald hoofdstuk controleer, kan ik bij iedere willekeurige zin een aantekening schrijven. Bij mijn vertalers verschijnt een noot als een rood vlaggetje in hun vertaling. De vertaler leest dan mijn opmerking of vraag, en verbetert de vertaling of beantwoordt mijn vraag. Is hij klaar, dan verandert het rode vlaggetje in een grijze op mijn scherm. Voor mij een teken dat de vertaler iets met mijn opmerking heeft gedaan, en dat ik kan kijken of de vertaling goed genoeg is. Is dat het geval, dan keur ik de vertaling van dat vers goed en verdwijnt het vlaggetje. Dit doen we zo iedere dag en in verschillende rondes. Net zolang tot de vertaling aan alle kwaliteitseisen voldoet. Je kunt je haast niet meer voorstellen dat bijbelvertaalwerk ooit zonder computers werden gedaan…..

Onze vertalers kunnen inmiddels sneller vertalen dan de adviseurs kunnen controleren. Toch is de eindcontrole belangrijk en ook voor het team een mijlpaal. Met de Kabwa vertalers heb ik tijdens ons verlof de vertaling gecontroleerd van de boeken Jona en Ruth, en een aantal hoofdstukken van het boek Handelingen. Ook met het Simbiti-team heb ik een aantal hoofdstukken uit Handelingen gecontroleerd, en ik was erg tevreden over de kwaliteit van hun werk. Voor de komende weken probeer ik zoveel mogelijk hoofdstukken uit Handelingen te controleren met de Kabwa- en Simbiti-vertalers. Hun talen zijn verwant, dus twee vliegen in anderhalve klap!

In een eerdere blog heb ik geschreven over mijn ‘viskunsten’ aan het water. Dat heeft me een aantal leuke afspraakjes opgeleverd. Al een paar keer heb ik met iemand aan het water gezeten om er samen een paar bakjes kibbeling uit te trekken. Tot nu toe heb ik getalenteerde collega’s gehad die er de nodige wisten te vangen. Vanmorgen vroeg – al om half zes zaten we aan het water! – probeerden Marnix Lukasse en ik ze te pakken te krijgen (al werden we soms afgeleid door een prachtig ijsvogeltje, opspringende karpers, en een houthakkende zwarte specht). We vingen in zo’n vier uur zo’n 50 vissen, waaronder een mooie snoek, een grote brasem en een knotsgrote karper.

En het vangen van de karper was een sensatie, eerlijk! Het is de grootste vis die ik in mijn korte leventje gevangen hebt. Een karper is een zware en sterke vis, en het vraagt alle concentratie om de lijn strak te houden en op het juiste moment te lijn te laten vieren. Het kostte ons 15 minuten voor we deze kanjer van een paar kilo in het net kregen.

Een prachtige ervaring om zo’n zware en vechtlustige karper te bedwingen met een werphengeltje die ik jaren geleden voor 15 euro heb gekocht. Toen we hem weer netjes teruggezet hebben in het water, vielen al die andere 48 voorns en bliekjes toch wel in het niet en besloten we om er maar gelijk een eind aan te maken. Wie zei trouwens dat vissen saai was?